Deze dimensie wordt vooral beschreven in relatie tot grootstedelijke problematiek en het omgaan met agressie. In What Works in schools (Marzano 2003) is deze effectiviteitsfactor gerelateerd aan agressie en geweld. Marzano noemt diverse maatregelen die gedragsproblemen voorkomen:
- stel regels/procedures vast waarmee mogelijke problemen als gevolg van fysieke kenmerken van het schoolgebouw (nauwe gangen) en bepaalde schoolroutines ondervangen kunnen worden;
- realiseer schoolbrede gedragsregels, zorg voor duidelijke consequenties en wees consequent, als de regels overtreden worden;
- zorg voor een programma waarmee leerlingen zelfdiscipline en verantwoordelijkheid leren;
- zorg voor een systeem van vroegtijdige signalering van leerlingen met een hoog geweldsrisico.
Bowen Paulle schrijft veel van het impulsieve gedrag van probleemleerlingen toe aan het opgroeien in een deplorabele en agressieve omgeving. Als oplossing ziet hij: eerst stabiliseren (reinheid, rust en regelmaat), dan sociaal leren (zich kunnen optrekken aan de anderen). Het pleidooi van Paulle reikt verder dan een ordelijke en veilige omgeving, het gaat om diversiteit als maatschappelijk uitgangspunt en noodzakelijke voorwaarde voor het opheffen van ongelijkheid. Daarbij noemt hij o.a. een naar inkomensgroepen gemengde schoolbevolking en groepssamenstelling (zie ook 2.4.7 onder Heterogene groeperingsvormen). Het gaat volgens Paulle om structurele toegang tot de leef- en leerwereld van de middenklasse. Veiligheid is, zoals bekend, op een bijzondere manier van belang voor leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften (bijvoorbeeld leerlingen met internaliserende problematiek).
In de focusinterviews lijkt deze dimensie vooral voor het voortgezet onderwijs van groot belang: de veiligheid van de school als een wezenlijke voorwaarde voor de ontwikkeling van leerlingen.
terug...